<?xml version="1.0" encoding="iso-8859-1"?>
<feed xmlns:bsl="http://www.bsl.nl" xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom"><logo>http://www.bsl.nl/frameset/algemene_header_bsl_websites.gif</logo><title>Pijn Info</title><subtitle>Aanvulling , 2009</subtitle><id>urn:bsl:9065027254</id><link rel="self" href="http://vb23.bsl.nl/frontend/xml/9065027254.xml"/><link href="http://www.pijninfo.bsl.nl" rel="alternate"/><rights>Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten</rights><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><author><name>Bohn Stafleu van Loghum</name><uri>http://www.bsl.nl</uri></author><entry><title>Redactioneel ten geleide</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.bsl.nl/updatealert/default.asp?page=9065027254/09014f3c80273501.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c80273501</id><bsl:isbn>9065027254</bsl:isbn><bsl:date>2009</bsl:date><bsl:author><name>R. de Wit</name></bsl:author><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;img src="http://vb23.bsl.nl/BSL/content/edition/9065027254/9065027254.jpg" align="right" hspace="10"/&gt;&lt;b&gt;R. de Wit&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Reageren mannen en vrouwen verschillend op pijn en pijnstillende medicijnen? Zeuren vrouwen meer dan mannen als ze pijn hebben of zijn er verschillen in de gevoeligheid voor pijn tussen mannen en vrouwen? &lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Onderzoek naar sekse- en genderspecifieke verschillen bij pijn en analgesie: een consensusverslag</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.bsl.nl/updatealert/default.asp?page=9065027254/09014f3c80273506.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c80273506</id><bsl:isbn>9065027254</bsl:isbn><bsl:date>2009</bsl:date><bsl:author><name>Joel D. Greenspan a,b</name></bsl:author><bsl:author><name>Rebecca M. Craft c</name></bsl:author><bsl:author><name>Linda LeResche d</name></bsl:author><bsl:author><name>Lars Arendt-Nielsen e</name></bsl:author><bsl:author><name>Karen J. Berkley f</name></bsl:author><bsl:author><name>Roger B. Fillingim g</name></bsl:author><bsl:author><name>Michael S. Gold h</name></bsl:author><bsl:author><name>Anita Holdcroft i</name></bsl:author><bsl:author><name>Stefan Lautenbacher j</name></bsl:author><bsl:author><name>Emeran A. Mayer k</name></bsl:author><bsl:author><name>Jeffrey S. Mogil l</name></bsl:author><bsl:author><name>Anne Z. Murphy m</name></bsl:author><bsl:author><name>Richard J. Traub a,b</name></bsl:author><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Joel D. Greenspan a,b, Rebecca M. Craft c, Linda LeResche d, Lars Arendt-Nielsen e, Karen J. Berkley f, Roger B. Fillingim g, Michael S. Gold h, Anita Holdcroft i, Stefan Lautenbacher j, Emeran A. Mayer k, Jeffrey S. Mogil l, Anne Z. Murphy m, Richard J. Traub a,b&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;In september 2006 kwamen de leden van de belangengroepering (SIG) sekse- en genderspecifieke pijn van de International Association for the Study of Pain (IASP, de internationele associatie voor pijnonderzoek) bijeen om over de volgende onderwerpen te discussiëren: 1) Wat is er bekend over sekse- en genderverschillen op het gebied van pijn en analgesie; en 2) Wat zijn de &#8216;best practice&#8217;-richtlijnen voor sekse- en genderspecifiek pijnonderzoek? Dit verslag is de consensus van deze bijeenkomst en omvat bijdragen uit algemeen wetenschappelijke hoek, van onderzoekers op het gebied van klinische en psychosociale pijn en van erkende deskundigen op het gebied van seksuele differentiatie en reproductieve endocrinologie. Dit document is bedoeld als een nuttige leidraad en als aansporing om verder te denken over toekomstig onderzoek naar de sekse-sekseverschillen en genderspecifiekegenderverschillen verschillen bij pijn en analgesie en is zowel geschreven voor hen die al op dit terrein actief zijn, als voor mensen die zich nog altijd afvragen: &#8216;Moet ik echt onderzoek doen naar vrouwen?&#8217;&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Sekse- en genderverschillen in pijn en pijnbeleving</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.bsl.nl/updatealert/default.asp?page=9065027254/09014f3c80273507.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c80273507</id><bsl:isbn>9065027254</bsl:isbn><bsl:date>2009</bsl:date><bsl:author><name>A.L.M. Lagro-Janssen</name></bsl:author><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;A.L.M. Lagro-Janssen&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Sekseverschillensekseverschillensekseverschillen spelen een rol bij het ontstaan van klachten, bij de symptoomperceptie, bij het arts-patiëntcontact in de spreekkamer, bij de gevolgen en betekenisgeving en bij de behandeling.1 In dit hoofdstuk wordt een aantal sekseverschillen benoemd die van belang zijn bij het medisch handelen bij pijn: het vóórkomen van pijn, de socialisatie, de klachtpresentatie en het omgaan met klachten. Ook de invloed van het geslacht van de arts zelf zal aan bod komen.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Hormonale modulatie van pijn</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.bsl.nl/updatealert/default.asp?page=9065027254/09014f3c8027350a.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c8027350a</id><bsl:isbn>9065027254</bsl:isbn><bsl:date>2009</bsl:date><bsl:author><name>D.S. Veldhuijzen</name></bsl:author><bsl:author><name>G.J. Groen</name></bsl:author><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;D.S. Veldhuijzen, G.J. Groen&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Er is de afgelopen jaren steeds meer aandacht gekomen voor het feit dat mannen en vrouwen verschillen in de gevoeligheidpijngevoeligheidpijngevoeligheid voor pijn. Wetenschappelijk onderzoek heeft herhaaldelijk aangetoond dat er verschillen zijn tussen mannen en vrouwen, onder andere in prevalentie, klachtenpresentatie, medicijngebruik en prognose van pijn. Dit geldt voor een grote verscheidenheid van chronische pijnsyndromen, zoals migrainehoofdpijnen met aura, fibromyalgie, prikkelbaredarmsyndroom, temporomandibulaire disfunctie, spanningshoofdpijn, sympathische reflexdystrofie, carpaletunnelsyndroom en reumatoïde artritis.1 Deze chronische pijnsyndromen komen vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Bij experimentele pijn, opgewekt bij vrijwilligers, zijn er echter ook man-vrouwverschillen gevonden. Bij vrouwen werden een lagere pijndrempel (sneller een prikkel als pijnlijk ervaren), een verlaagde tolerantie voor pijn (eerder een prikkel als ondraaglijk ervaren) en hogere pijnscores vastgesteld.1 Er zijn ook pijnaandoeningen die vaker bij mannen voorkomen dan bij vrouwen, bijvoorbeeld migraine zonder aura. Voor een aantal chronische pijnaandoeningen zijn geen verschillen tussen mannen en vrouwen gevonden. Het hangt dus van de specifieke pijnaandoening af of deze meer mannen of vrouwen treft.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Vrouwen en pijn. De rol van seksueel misbruik en partnergeweld</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.bsl.nl/updatealert/default.asp?page=9065027254/09014f3c8027350b.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c8027350b</id><bsl:isbn>9065027254</bsl:isbn><bsl:date>2009</bsl:date><bsl:author><name> S.H. Lo Fo Wong</name></bsl:author><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt; S.H. Lo Fo Wong&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Dit patroon is inmiddels een bekend gegeven bij vrouwen die te maken hebben met mishandeling door een partner. Het hoeft niet altijd om een inwonende partner te gaan. Na de scheiding lopen vrouwen zelfs een groter risico op belaging en ernstig geweld dan voor de scheiding, vooral als er kinderen zijn. Opvallend genoeg lukt het ze nog wel om de relatie door een scheiding te beëindigen, maar echt loskomen uit de relatie is veel moeilijker.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Chronische pijn na borstkankerchirurgie</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.bsl.nl/updatealert/default.asp?page=9065027254/09014f3c80273510.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c80273510</id><bsl:isbn>9065027254</bsl:isbn><bsl:date>2009</bsl:date><bsl:author><name>M.A.H. Steegers</name></bsl:author><bsl:author><name>O.H.G. Wilder-Smith</name></bsl:author><bsl:author><name>K.C.P. Vissers</name></bsl:author><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;M.A.H. Steegers, O.H.G. Wilder-Smith, K.C.P. Vissers&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Chronische pijn na borstkankerchirurgie is een belangrijk probleem. In de komende jaren zal dit probleem nog toenemen vanwege een toename van de incidentie van borstkanker, maar ook door betere overleving van deze ziekte.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Endometriose en pijn</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.bsl.nl/updatealert/default.asp?page=9065027254/.html"/><id>urn:dctm:chron_id:</id><bsl:isbn>9065027254</bsl:isbn><bsl:date>2009</bsl:date><bsl:author><name> R.D.H. de Boer</name></bsl:author><bsl:author><name>W.W.A. Zuurmond</name></bsl:author><bsl:author><name>P.G.A. Hompes</name></bsl:author><bsl:author><name>R.S.G.M. Perez</name></bsl:author><bsl:author><name>S.A. Loer</name></bsl:author><updated>2009-10-02T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt; R.D.H. de Boer, W.W.A. Zuurmond, P.G.A. Hompes, R.S.G.M. Perez, S.A. Loer&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Endometriose is een chronische aandoening die wordt gekenmerkt door de aanwezigheid en proliferatie van endometrium en stroma buiten het cavum uteri. Het is een van de meest voorkomende aandoeningen bij vrouwen in de reproductieve leeftijd en kan zich uiten als een serieuze bron van chronische pijn, die veelal moeilijk behandelbaar is en om een multidisciplinaire aanpak vraagt. Chirurgische interventie is mogelijk, maar geeft een wisselend resultaat op termijn. Farmacologische behandeling kan bestaan uit hormonen en/of analgetica. Bij de analgetische aanpak kunnen de gebruikelijke analgetica volgens de WHO-richtlijn worden toegediend; paracetamol en NSAID&#8217;s, eventueel tramadol. Ook hiermee zijn de resultaten wisselend. Met opioïden zijn geen studies beschreven. &lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2007, Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry></feed>
