<?xml version="1.0" encoding="iso-8859-1"?>
<feed xmlns:bsl="http://www.bsl.nl" xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom"><logo>http://www.vakbibliotheek.nl/rss/bsl-praktisch-partners.gif</logo><title>Tijdschrift voor Ouderengeneeskunde</title><subtitle>Aanvulling 6, </subtitle><id>urn:bsl:1386-1514</id><link rel="self" href="http://vb23.bsl.nl/frontend/xml/1386-1514.xml"/><link href="http://" rel="alternate"/><rights>Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten</rights><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><author><name>Bohn Stafleu van Loghum</name><uri>http://www.bsl.nl</uri></author><entry><title>Samenwerking specialist ouderen-geneeskunde en huisarts: nog geen gemeengoed, maar wel groeiende</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4978.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4978</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;img src="http://vb23.bsl.nl/BSL/content/edition/1386-1514/1386-1514.jpg" align="right" hspace="10"/&gt;In het KNMG-rapport &#8216;Sterke medische zorg voor kwetsbare ouderen&#8217; d.d. 25 maart 2010 worden onder meer de volgende knelpunten in de thuissituatie opgesomd: te late signalering van (medische) problemen, huisartsen kunnen door een hoge werkdruk vaak onvoldoende tijd vrijmaken om alle problemen te inventariseren, het ontbreken van systematische probleemanalyse en het ontbreken van een gevalideerd en gebruikersvriendelijk (elektronisch) instrumentarium. Eveneens dit voorjaar ontvingen alle huisartsen een folder met praktische informatie over het consulteren van een specialist ouderengeneeskunde. Daarin werd een opsomming gegeven van met welke vragen huisartsen bij specialisten ouderengeneeskunde terechtkunnen en welke werkwijze wordt gehanteerd. Hoewel het al vele jaren mogelijk is om consulten van artsen vanuit het verpleeghuis in de eerste lijn gefinancierd te krijgen, werd daar tot voor enkele jaren geleden nog maar in heel beperkte mate gebruik van gemaakt. De laatste jaren lijkt daar wel, zij het soms nog maar mondjesmaat, verandering in te komen. Met het NHG-congres van 2009 (Ga Voor (G)Oud) en het verschijnen van het KNMG-standpunt in het bovengenoemde rapport en enkele daaraan gewijde conferenties is de druk voor samenwerking van specialisten ouderengeneeskunde en huisartsen en andere eerstelijnswerkers aanzienlijk toegenomen. De eerste resultaten van een recent gehouden enquête over die samenwerking worden elders in dit tijdschriftnummer gepubliceerd. Dit nummer is verder geheel gewijd aan die samenwerking. Koenen et al. maken melding van hoe in Dongen het geriatrisch spreekuur in de huisartsenpraktijk is vormgegeven en de verworvenheden die dat tot op heden heeft opgeleverd. Aan de hand van de bespreking van een complexe casus geeft De Groot weer op welke wijze een consultteam vanuit het verpleeghuis, bestaande uit een verpleegkundige, arts en psycholoog, de huisarts en andere eerstelijnswerkers ondersteunt. Alle aanvragen worden teruggekoppeld naar de huisarts, zodat deze optimaal zijn/haar coördinerende rol kan blijven vervullen. Heerema et al. beschrijven met welke werkwijze specialisten ouderengeneeskunde huisartsen en zorgteams in verzorgingshuizen kunnen ondersteunen bij kwetsbare ouderen (vanaf ZZP 3) en van welke financieringsbronnen daarbij gebruikgemaakt kan worden. Schols relativeert in zijn beschouwende artikel de extramurale inbreng van de &#8216;verpleeghuisarts&#8217; en stelt, dat het geen zin heeft de concurrentiestrijd met de huisarts aan te gaan. Hij pleit in zijn slotbeschouwing voor een ondersteunende rol van de specialist ouderengeneeskunde en daarmee blijkt zijn standpunt minder ver van de Verenso-koers af te liggen dan uit de rest van zijn artikel gelezen kan worden. Van Schie, kaderhuisarts ouderengeneeskunde, beschrijft haar positieve ervaringen in de samenwerking met haar collega specialist ouderengeneeskunde Van de Hoeve. Uit het artikel van Falck et al. blijkt dat een al wat langduriger samenwerking leidt tot het in een vroegere fase ingeschakeld worden, waarmee de mogelijkheid om preventief hulp in te zetten wordt verruimd. De redactie hoopt met dit themanummer een bijdrage te leveren aan de verdere ontwikkeling en uitbouw van de samenwerking tussen specialist ouderengeneeskunde en huisarts.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De kloof tussen generalist en specialist overbrugd</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b497c.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b497c</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Coert A.C.A.  Koenen</name></bsl:author><bsl:author><name>Katrien G.  Luijkx</name></bsl:author><bsl:author><name>Gert P.  Westert</name></bsl:author><bsl:author><name>Ada  Vijfvinkel</name></bsl:author><bsl:author><name>Jos M.G.A.  Schols</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Coert A.C.A.  Koenen, Katrien G.  Luijkx, Gert P.  Westert, Ada  Vijfvinkel, Jos M.G.A.  Schols&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;In 1987 werd de consultatiefunctie van verpleeghuisartsen formeel operationeel. De huisarts kan sindsdien voor patiënten thuis of in het verzorgingshuis advies vragen aan de specialist ouderengeneeskunde, toen nog verpleeghuisarts genoemd.1 Momenteel is het een AWBZ-functie onder de noemer extramurale behandeling, die geen CIZ-indicatie vereist. In de literatuur2&#8211;5 zijn voorbeelden van deze consultatiefunctie beschreven. Omdat het moeilijk is om tijdig gezondheidsrisico&#8217;s en complexe multimorbiditeit te signaleren en te komen tot een goede regie over de zorg in de eerste lijn, adviseert de Gezondheidsraad om in de eerste lijn veel meer gebruik te maken van de consultatiefunctie.6&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>&#8216;Zorgadvies aan huis&#8217;</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b497d.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b497d</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Aafke J. de Groot</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Aafke J. de Groot&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Zeer veel ouderen met dementie wonen thuis en de complexiteit van de gezondheidsproblemen van ouderen neemt de komende decennia verder toe. In de KNMG-nota &#8216;Sterke medische zorg voor kwetsbare ouderen&#8217; wordt bepleit, dat alle artsen hun werkwijze zodanig veranderen dat medische zorg geïntegreerd wordt aangeboden in plaats van diagnosegebonden en versnipperd. Ook de gespecialiseerde ouderenzorg die zich voor consulten en behandelingen aan thuiswonende kwetsbare ouderen beschikbaar stelt, moet zich inspannen om zijn aanbod optimaal in de eerstelijnszorg te integreren.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De specialist ouderengeneeskunde in het verzorgingshuis: van een nevelig perspectief naar een helder doel</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b497e.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b497e</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Nieske  Heerema</name></bsl:author><bsl:author><name>Joes  Meens</name></bsl:author><bsl:author><name>Mirjam  Bezemer</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Nieske  Heerema, Joes  Meens, Mirjam  Bezemer&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Er is een duidelijke trend om zwaardere zorg te bieden in het verzorgingshuis. Dankzij de financiering volgens zorgzwaartepakketten (ZZP) krijgt het verzorgingshuis voor zwaardere zorg (hogere ZZP) ook een hoger dagtarief. Overplaatsing naar een verpleeghuis kan daardoor voorkomen worden, maar vereist meer betrokkenheid van de specialist ouderengeneeskunde en andere AWBZ-behandelaars in het verzorgingshuis en stelt ook andere eisen aan het verzorgingshuis. Bijvoorbeeld: een cliënt met ernstige dementiële problematiek, die behoefte heeft aan intensieve begeleiding en verzorging (ZZP 5 VV), kan in het verpleeghuis of in het verzorgingshuis verblijven. De zorg is verschillend georganiseerd en gefinancierd, maar dient wel tegemoet te komen aan dezelfde zorgbehoefte.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Huisbezoek</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b497f.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b497f</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Jacobien  Erbrink</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Jacobien  Erbrink&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Hij keek op zijn horloge. Elf uur alweer. Bijna tijd om te gaan. De regen roffelde nog steeds op de ruiten van het verpleeghuis. Zijn schietgebedje van een uur geleden was duidelijk niet verhoord.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Van huisarts tot specialist ouderengeneeskunde</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4980.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4980</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Luc Van Houdt</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Luc Van Houdt&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Toen ik in 1983 als huisarts afstudeerde, liet niets vermoeden dat ik niet tot aan mijn pensioen dit vak zou uitoefenen. En toch&#8230; na 20 jaar dokteren in de eerste lijn moest ik om persoonlijke en familiale redenen mijn praktijk in de Antwerpse Kempen achterlaten met spijt, verdriet en veel mooie herinneringen.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Van verpleeghuisarts tot huisarts</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4981.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4981</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Jean  Hensels</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Jean  Hensels&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Na ruim achttien jaar als verpleeghuisarts werkzaam te zijn geweest, ben ik in september 2004 met de huisartsenopleiding in Maastricht begonnen. Hoe was ik tot die beslissing gekomen? Tijdens mijn studie geneeskunde in Nijmegen maakte ik kennis met de verpleeghuisgeneeskunde door een keuzecoschap bij een van de grondleggers van het vak, professor J. Michels, in verpleeghuis Kalorama. Na de zoveelste vruchteloze sollicitatie ben ik uiteindelijk als &#8216;volontair&#8217; (zonder salaris) in februari 1986 in Ewijk gestart in een klein somatisch verpleeghuis. Toevallig werd het een vaste aanstelling. Met de erkenning van het specialisme in 1990, kreeg ik mijn registratie. Inmiddels had ik een plaats voor de huisartsenopleiding in Nijmegen afgeslagen, want de verpleeghuisgeneeskunde beviel goed. Het werken als enig arts in een klein verpleeghuis had echter ook zijn beperkingen. Daarom stapte ik in 1991 over naar een groter, gecombineerd verpleeghuis in Dieren. Ook daar was ik naast verpleeghuisarts hoofd medische/paramedische dienst. Samenwerken met collega-artsen en de mix somatiek/psychogeriatrie vond ik prettig. Wel ervoer ik de managementtaken steeds meer als een last, ook omdat de invloed van artsen op het beleid steeds minder vanzelfsprekend werd. In 1996 verhuisde ik om privéredenen naar Zuid-Limburg. Als verpleeghuisarts kwam ik daar in zeer grote organisaties terecht met zowel ziekenhuizen, verzorgingshuizen als verpleeghuizen. Wat me stoorde, was dat de verpleeghuisartsen in mijn perceptie steeds meer een klein radertje in een grote machinerie werden. Enerzijds ben je eindverantwoordelijk voor het zorg- en behandelplan en aan de andere kant is het steeds lastiger om die verantwoordelijkheid waar te maken. Na enige bezinning besloot ik tot een &#8216;mid carreer switch&#8217;. Hoewel het best zwaar was om AIOS huisartsgeneeskunde te zijn, heb ik er vanaf het begin van genoten en het als een enorme verrijking ervaren.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De verpleeghuisarts moet weloverwogen over de drempel komen&#8230;</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4982.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4982</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Jos  Schols</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Jos  Schols&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Deze editie van het Tijdschrift voor Ouderen-geneeskunde is voor een groot deel gewijd aan de samenwerking tussen specialisten ouderengeneeskunde en huisartsen. De redactie benaderde me hiervoor, omdat ik in het verleden nogal wat onderzoek naar deze samenwerking heb gedaan.1 Voorts heb ik de afgelopen 25 jaar kunnen zien wat er allemaal over deze samenwerking is geschreven en wat er daadwerkelijk bereikt is. Relevante stukken anno 2010 betreffen een tweetal rapporten van de Gezondheidsraad met de titels: Preventie bij ouderen: focus op zelfredzaamheid en Ouderdom komt met gebreken; geneeskunde en zorg bij ouderen met multimorbiditeit én de recente KNMG-publicatie Sterke medische zorg voor kwetsbare ouderen.2&#8211;4&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Ouder worden en wel zijn</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4983.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4983</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Marieke van Schie</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Marieke van Schie&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Onder deze titel organiseerde ik op vrijdag 27 augustus een symposium in het nieuw geopende verzorgingshuis Rustenborch in Oegstgeest. Aanleiding was de afronding van onze pilot, waarin ik samen met Rob van de Hoeve, specialist ouderengeneeskunde in het naburig verpleeghuis Van Wijckerslooth, de fragiele ouderen in mijn huisartsenpraktijk gedurende vier jaar intensief begeleid heb met extra zorg in de thuissituatie.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Samenwerking tussen huisartsen en het Mobiel Geriatrisch Team Houten: zorg voor kwetsbare ouderen thuis</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4984.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4984</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Regina  Falck</name></bsl:author><bsl:author><name>Desiré  Helms</name></bsl:author><bsl:author><name>Marieke  Hoogenboom</name></bsl:author><bsl:author><name>Wilco  Achterberg</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Regina  Falck, Desiré  Helms, Marieke  Hoogenboom, Wilco  Achterberg&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Nederland verzilvert; momenteel kent Nederland drie miljoen 65-plussers. Naar verwachting zal dit in 2038 zijn toegenomen tot zo&#8217;n 4,3 miljoen. Met het stijgen van de leeftijd treden ook vaker ouderdomsspecifieke ziekten en stoornissen op. Door deze factoren zal het aantal zorgbehoevende ouderen met complexe geriatrische problematiek sterk groeien. Het aantal verpleeghuisbedden houdt geen gelijke tred met deze trend. Maatschappelijke ontwikkelingen zoals individualisering, mondigheid, etniciteit en de welvarendheid van ouderen zijn mede van invloed op het feit, dat ouderen met complexe problematiek die voorheen in het verpleeghuis werden opgenomen in toenemende mate langer in hun eigen woonomgeving blijven.1&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Handboek Multidisciplinaire zorg</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4985.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4985</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Jos  Konings</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Jos  Konings&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Titel: Handboek Multidisciplinaire zorg *****&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Overlijden bij dementie; oost west, thuis best?</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4986.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4986</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Suzanne  Lans</name></bsl:author><bsl:author><name>Wilco P.  Achterberg</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Suzanne  Lans, Wilco P.  Achterberg&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;In Nederland zijn ongeveer 230.000 mensen met dementie, bij wie echter bij de helft de diagnose nog niet is gesteld.1 Door de vergrijzing zullen er in 2050 naar schatting 500.000 mensen met dementie in Nederland zijn. De meeste mensen met dementie wonen in de beginfase van de ziekte thuis en verhuizen uiteindelijk vanwege complicaties naar een verzorgings- of verpleeghuis. De terminale fase vindt daardoor veelal intramuraal plaats. Momenteel wonen in Nederland ongeveer 31.000 mensen met dementie in het verpleeghuis (18%) en ongeveer 17% woont in het verzorgingshuis.2&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Specialist ouderengeneeskunde als katalysator</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4987.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4987</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Ellen M.  Zijp</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Ellen M.  Zijp&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Eind september 2010 heeft de Inspectie voor de Gezondheidszorg een rapport uitgebracht over een onderzoek naar de medicatieveiligheid in verpleeghuizen, verzorgingshuizen, instellingen voor gehandicaptenzorg en thuiszorg.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Het Geriatrie Formularium</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4988.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4988</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Martin van Leen</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Martin van Leen&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Titel: Het Geriatrie Formularium *****&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Samenwerking tussen specialisten ouderengeneeskunde en huisartsen: Ketenzorg door consultatie</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b4989.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b4989</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Maria G.T.  Dolders</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Maria G.T.  Dolders&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Maar liefst 70% van de huisartsen komt meerdere malen per jaar schrijnende situaties met ouderen thuis tegen. Dat blijkt uit een enquête onder huisartsen voor het NHG-congres &#8216;Ga voor (G)oud&#8217; uit 2009.1 Uit deze gegevens blijkt dat samenwerking tussen specialisten ouderengeneeskunde en huisartsen noodzakelijk is. Lange tijd voor het congres waren de Landelijke Huisartsen Vereniging, het Nederlands Huisartsen Genootschap en Verenso zich hiervan al bewust. Het NHG-standpunt Toekomstvisie Huisartsenzorg: Huisartsgeneeskunde voor ouderen&#8217; werd al in 2007 gepubliceerd.2 Verenso ontwikkelde in samenwerking met de LHV en het NHG een project om huisartsen extra stimulansen te bieden om de kennis en vaardigheden van complexe ouderenzorg te verhogen en de toegankelijkheid van de consultatie van de specialist ouderengeneeskunde te vergroten. Het project werd &#8216;Ketenzorg specialist ouderengeneeskunde en huisarts door consultatie&#8217; genoemd.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Enquête samenwerking tussen de specialist ouderengeneeskunde en de huisarts</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b498a.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b498a</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>L.P.M.  Faas-Vlek</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;L.P.M.  Faas-Vlek&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Er wordt in het land op veel manieren door de specialist ouderengeneeskunde en de huisarts samengewerkt. Soms blijft dit beperkt tot telefonisch contact, soms gaat het veel verder. Om beter inzicht te krijgen in hoe de samenwerking tussen de specialist ouderengeneeskunde en de huisarts in de praktijk is en om de wensen van de specialist ouderengeneeskunde op dit vlak helderder te krijgen heeft Verenso een enquête naar haar leden gestuurd. Deze enquête is bedoeld als eerste nulmeting en kan aanleiding geven tot meer onderzoek, zowel binnen als buiten Verenso.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>&#8216;Beschouw de patiënt én de huisarts als klant&#8217;</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=1386-1514/09014f3c802b498b.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802b498b</id><bsl:issn>1386-1514</bsl:issn><bsl:volume>35</bsl:volume><bsl:issue>6</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Mieke  Draijer</name></bsl:author><updated>2011-01-05T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Mieke  Draijer&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Verenso heeft als standpunt, dat samenwerking met de huisarts cruciaal is voor een op maat toegesneden zorg. Maar hoe begin je als hier in de praktijk nog geen sprake van is?&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry></feed>
