<?xml version="1.0" encoding="iso-8859-1"?>
<feed xmlns:bsl="http://www.bsl.nl" xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom"><logo>http://www.vakbibliotheek.nl/rss/bsl-praktisch-partners.gif</logo><title>Tijdschrift voor Bedrijfs- en Verzekeringsgeneeskunde</title><subtitle>Aanvulling 9, </subtitle><id>urn:bsl:0929-600X</id><link rel="self" href="http://vb23.bsl.nl/frontend/xml/0929-600X.xml"/><link href="http://tbv.bsl.nl" rel="alternate"/><rights>Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten</rights><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><author><name>Bohn Stafleu van Loghum</name><uri>http://www.bsl.nl</uri></author><entry><title>Dokters in witte jassen</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f38.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f38</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>André Weel</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;img src="http://vb23.bsl.nl/BSL/content/edition/0929-600X/0929-600X.jpg" align="right" hspace="10"/&gt;&lt;b&gt;André Weel&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Buiten het ziekenhuis zie je ze eigenlijk niet meer: dokters die nog een witte jas dragen. We vinden het niet functioneel. Het jaagt de bloeddruk van je cliënt omhoog. Het lijkt erop dat we onze klinische roots verloochenen. Schamen we ons daarvoor? Zitten we liever in het driedelig grijs van de adviseur? In dit novembernummer van TBV is er alle reden om de witte jas nog eens uit de kast te halen en hem met bescheidenheid te dragen. Want om nou te beweren dat de bedrijfsarts een medisch specialist is, zo eentje die alles weet van de gezondheid van werkenden, dat is weer wat doorslaan naar de andere kant. We maken lang niet alles waar wat we zeggen te kunnen en te doen. Bescheidenheid blijft geboden.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Slimmer werken, beter werken?</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f3a.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f3a</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>André Weel</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;André Weel&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Professies vinden hun bestaansrecht in de maatschappelijke behoefte. Belangrijke zaken des levens bespreek je met personen die bevoegd en bekwaam zijn om jouw belang te dienen, en bij wie jouw geheimen veilig zijn. Het is een kwestie van vertrouwen. Bankiers, notarissen, advocaten en artsen zijn voorbeelden van professies. Professies zijn goed georganiseerd. Zij hebben een eigen opleiding, een strikte toelatingsregeling, een eigen beroepsvereniging en vaktijdschrift. Zij kennen hun eigen systeem van kwaliteitsbewaking. En zij hebben een eigen tuchtrechtspraak. De leden van een professie bewaken hun belangen zorgvuldig. Meestal is dat belang ook het belang van de samenleving die om hun diensten vraagt.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Borstkanker en beroep</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f3b.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f3b</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Risk factors for breast cancer, including occupational exposures.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Diplomaat geen gouden baan meer</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f3c.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f3c</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Coping with the impact of working in a conflict zone: a comparative study of diplomatic staff.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De ontkenning</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f3d.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f3d</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>André Weel</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;André Weel&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Wiens brood met eet, diens woord men spreekt. In de derde brief van Alice Hamilton die wij publiceren, gaat het over artsen die het probleem van de loodvergiftiging bagatelliseren of ontkennen. Dat zijn vooral de artsen die een contract met de fabrieken hebben. Directe aanleiding tot de brief van Hamilton aan haar baas bij het Bureau of Labor, Charles H. Verrill, is de aanval van dr. H.T. Sutton. In augustus 1912 had Alice Hamilton gerapporteerd over de toestand in de aardewerkindustrie, de fabricage van geglazuurde tegels en van badkamersanitair. 1 In haar onderzoek bij 68 fabrieken in negen staten had Hamilton de nadruk gelegd op de hoge incidentie van loodvergiftiging bij de productie van aardewerk (zowel decoratief als huishoudelijk) in Zanesville (Ohio). Volgens Hamilton hing dat samen met de lage lonen die de werknemers daar verdienden, het ontbreken van vakbondsinvloed, en de grote hoeveelheid lood in het glazuur. In januari 1913 volgde de tegenaanval. Sutton, in dienst van de American Encaustic Tile Works met standplaats Zanesville en tevens lid van de Ohio State Board of Health, viel het rapport van &#8216;die vrouw&#8217; aan als een &#8216;treffend voorbeeld van overdrijving: ofwel een foutief en blijkbaar kwaadwillend en lasterlijk rapport, ofwel een dwaling&#8217;. Hij beweerde dat er maar weinig lood werd gebruikt in Zanesville, en bestreed Hamiltons conclusies over de hoge incidentie van loodvergiftiging en de lage lonen.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De arbodeskundige als organisatie- en mensenfluisteraar</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f45.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f45</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Cecile van der Velde-de Roos</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Cecile van der Velde-de Roos&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;In dit artikel wordt getracht een antwoord te vinden op de vraag welke adviesrol voor de arbodeskundige wenselijk is in Nederland. Sinds 2005 zijn organisaties niet meer verplicht zich aan te sluiten bij een arbodienst en kunnen zij direct een contract afsluiten met arbodeskundigen. Dit heeft invloed op hun rol. De kernvraag is: Welke rollen en stijlen vergroten de kans van slagen bij adviestrajecten met als doel om arbeidsomstandigheden te verbeteren? Met de adviesrol wordt in dit artikel de rol gezien als de ruimte die de arbodeskundige krijgt of neemt in de praktijk. De adviesstijl is de verzameling van de eigenschappen die nodig zijn om het verandervermogen of draagvlak te beïnvloeden.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Sluit hiv uit, niet de werknemer met hiv</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f46.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f46</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Jaap Maas</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Jaap Maas&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Uit het TNS NIPO-rapport &#8216;Hiv op de werkvloer 2011&#8217;1 blijkt dat leidinggevenden nog steeds een irrationeel beeld hebben over de werknemersrisico&#8217;s. Zo blijkt de helft van de leidinggevenden (47%) iemand met hiv minder snel een vast contract aan te bieden. Als belangrijkste reden hiervoor geven de leidinggevenden aan de grotere kans op ziekteverzuim (36%) gevolgd door het geen risico willen lopen voor andere werknemers (22%).&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Werken na kanker</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f47.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f47</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Omdat kanker steeds vaker te genezen is, hebben we in ons werk als bedrijfs- en verzekeringsarts steeds vaker te maken met mensen die na kanker in het arbeidsproces terugkeren. In dit boek wordt aandacht besteed aan alle facetten van werken na kanker en welke problemen men daarbij tegen kan komen. Er wordt aandacht besteed aan de sociale wetten, aan de rol die bedrijfsarts en leidinggevende kunnen en moeten spelen.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Over de mogelijkheid van een eenvoudige oplossing bij een post-whiplashsyndroom</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f48.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f48</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Cees Everaert</name></bsl:author><bsl:author><name>Aebele Mink van der Molen</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Cees Everaert, Aebele Mink van der Molen&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Na een kop-staartbotsing kunnen mensen jarenlang een scala aan klachten houden die als postwhiplashsyndroom aan het ongeval worden toegeschreven. Vaak volgt een lange weg langs artsen en behandelaars met wisselend resultaat. Niet zelden blijven mensen beperkt in hun belastbaarheid en soms blijven ze arbeidsongeschikt. Voor een geselecteerd aantal gevallen is mogelijk een weinig ingrijpende en effectieve behandeling beschikbaar.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Infectieziekten en arbeid</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f49.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f49</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">De nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit (nVWA) bracht een advies uit over het voorkomen van livestock gerelateerde MRSA en de gevolgen voor de vleesverwerkers en veetransporteurs. Er is een verhoogd risico op dragerschap bij werknemers aanwezig. Uit de toelichting op het advies blijkt dat 10% van het personeel in de slachterijen drager is van de &#8216;livestock gerelateerde MRSA&#8217; (LAMRSA); dit tegenover 0,041% van de algemene bevolking, 26% van de varkenshouders en 22% van de veetransporteurs. Transmissie gaat via aerosolen, druppeltjes en (in)direct contact. Tot de kwetsbaren horen acute zieken (influenza, varicella), chronisch zieken, immunocompetenten, pasgeborenen en ouderen. Bij de ziekenhuispoort probeert men bekende risicovormers eruit te halen en eventueel te behandelen om te voorkomen dat de daar aanwezige grote populatie kwetsbare patiënten besmet wordt.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De Nieuwe Bedrijfsarts</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f4a.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f4a</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Dolf Algra</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Dolf Algra&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;De toekomst klopt óók aan de deur van de bedrijfsarts, maar deze geeft niet thuis. De bedrijfsarts oude stijl is te druk bezig met zijn/haar werk als uitvoerende routineprofessional en zit te vaak en te lang in de spreekkamer. Hij/zij lijkt gewoonweg geen tijd voor de toekomst te hebben.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De bedrijfsarts is bepalend voor het succes</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f4b.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f4b</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Atie Verschoor</name></bsl:author><bsl:author><name>Henk van Leeuwen</name></bsl:author><bsl:author><name>Louis Verschoor</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Atie Verschoor, Henk van Leeuwen, Louis Verschoor&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Klinische arbeidsgeneeskunde probeert arbeidsgeneeskunde en medisch-specialistische geneeskunde samen te brengen met als doel de diagnostiek en behandeling van werkgerelateerde aandoeningen beter te doen verlopen. Nu komt het nog te vaak voor dat werknemers voor hun (uiteindelijk arbeidsgerelateerde) klachten een veelheid aan artsen hebben geconsulteerd zonder resultaat. De verwijzing door de bedrijfsarts naar het klinisch arbeidsgeneeskundig centrum is de eerste stap in het proces. Ook in het geval dat er nauwelijks behandelopties bestaan, neemt alleen al het stellen van de diagnose een last van de schouders. Voorwaarde voor een geslaagde klinisch arbeidsgeneeskundige aanpak is de multidisciplinaire benadering gecombineerd met het bedrijfsbezoek. In dit artikel wordt aan de hand van vier casus de plaats van de klinische arbeidsgeneeskunde toegelicht.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Een vluggertje</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f4c.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f4c</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Kun je tijdens een huisbezoek van tien minuten wel een behoorlijk lichamelijk onderzoek uitvoeren bij een cliënt met klachten van het bewegingsapparaat? De arts in deze zaak meende van wel. Hij stond onder tijdsdruk, want hij moest de volgende dag vóór 16:30 uur rapporteren aan de opdrachtgever. En de cliënt had hem uitdrukkelijk gevraagd om contact met haar huisarts te leggen. Time is money voor de werkgever, maar ook voor de dokter. De cliënt was heel ongelukkig met de gang van zaken. Zij diende dan ook tegen de arts een klacht in bij het tuchtcollege. Lees hoe verschillend arts en cliënt tegen het huisbezoek aankijken. Zoek ook de verschillen tussen de beoordeling van het Regionaal en die van het Centraal Tuchtcollege, voor wat betreft de aanpak van de snelle dokter. En trek ten slotte uw eigen conclusies of dit consult bij een verzuimende werknemer nu wel of niet door de beugel kon.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Diabetici in veiligheidsfuncties</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f4d.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f4d</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>André Weel</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;André Weel&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Momenteel heeft één op de 25 aardbewoners diabetes. In 2030 zal de prevalentie van diabetes zijn toegenomen tot één op de 20 mensen. Die toename komt vooral voor rekening van type-2-diabetes. Ook bij werkende mensen gaat de prevalentie stijgen, mede door langer doorwerken. In ontwikkelingslanden zal de stijging bij werkende mensen nog sterker zijn, omdat daar de piek van diabetes tussen 40 en 60 jaar ligt.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>De multidisciplinaire richtlijn Hartrevalidatie 2011</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f59.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f59</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Jaap van Dijk</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Jaap van Dijk&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;In 1966 werden in Nederland de eerste hartrevalidatiecentra opgericht. Centraal stonden fysieke reconditionering en werkhervatting. In 1988 constateerde Vermeulen1 dat deze vorm van hartrevalidatie geen effect had op de werkhervatting en dat er een meer hierop gericht programma nodig was. Anno 2011 is dit geconcretiseerd in een multidisciplinaire richtlijn Hartrevalidatie 2011.2&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Commentaar op de onderdelen &#8216;werkhervatting&#8217; van de multidisciplinaire richtlijn Hartrevalidatie 2011</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f5a.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f5a</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Johan Brügemann</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Johan Brügemann&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Vergeleken met 20 jaar geleden is het beloop van een dreigend hartinfarct wezenlijk veranderd. In het verleden werd geprobeerd om door middel van trombolyse het coronairvat te openen. Soms onderging een patiënt aansluitend nog een rescue- percutane transluminale coronairangioplastiek (PTCA). Regelmatig was er nadien echter aanzienlijk myocardverlies. Anno 2011 is dat compleet anders. Een acuut coronair syndroom (ACS) wordt tegenwoordig in de ambulance gediagnosticeerd en de patiënt krijgt dan al medicatie. In geval van een ST-segment elevatie myocardinfarct (STEMI) wordt de spoedeisende hulp gebypassed en belandt de patiënt direct op de hartkatheterisatietafel. Een zo kort mogelijke &#8216;door-to-balloon&#8217;-tijd wordt daarbij nagestreefd. In het katheterisatielaboratorium vindt na coronairangiografie een percutane coronaire interventie (PCI) plaats van de laesie waarbij vaak een Bare Metal- of Drug Eluting Stent (resp. BMS en DES) achtergelaten wordt. Moderne bloedplaatjesaggregatieremmers (glycoproteïne IIb/IIIaantagonisten) worden als adjuvans ingezet. Het resultaat is vaak nauwelijks enzymatische pompschade, met andere woorden: een verijdeld infarct, met een normale linkerventrikelfunctie (en een goede prognose) nadien. Post-PCI is de secundaire preventie ook geoptimaliseerd met acetylsalicylzuur, clopidogrel, statine, ACE-remmer en &#63720;-blokker. Ten slotte worden leefstijladviezen verstrekt zoals niet roken, meer bewegen, minder zout (en calorieën) en medicatietrouw. Tegenwoordig worden gedotterde patiënten binnen enkele dagen naar huis ontslagen met, in het ideale geval, een afspraak op zak voor een ergometrie en een intake poliklinische hartrevalidatie. Het spreekt bijna voor zich dat in een dergelijke situatie (gedeeltelijke) werkhervatting plaats kan vinden binnen enkele weken gecombineerd met hartrevalidatieactiviteiten.1 Niet alle ACS-episoden verlopen echter zo. Tijdverlies, waardoor myocardcelverlies en dus pompschade, re-infarcering bij bijvoorbeeld stenttrombose, significante restletsels, pre-existent hartfalen, hartritmestoornissen en (vasculaire) comorbiditeit maken de klinische toestand voor de bedrijfsarts veel minder transparant.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>&#8216;Vitaliteitsmanagement is veel meer dan leefstijl&#8217;</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f5b.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f5b</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Rob Hoedeman</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Rob Hoedeman&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Sinds 1 april 2010 is Tinka van Vuuren hoogleraar vitaliteitsmanagement bij de Open Universiteit in Heerlen. Zij heeft een duidelijke boodschap voor werkgever en werknemer: benut de mogelijkheden om de werknemer duurzaam inzetbaar te houden. Het interview is kort voor de oratie van 16 september gehouden. Wat is haar boodschap en wat is de relevantie voor bedrijfs- en verzekeringsartsen?&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>WAAR is de bedrijfsarts?</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f5c.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f5c</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Als geregistreerd bedrijfsarts werkzaam in een klinische setting ondersteun ik collegae-bedrijfsartsen bij hun begeleiding van werknemers met een arbeidsrelevante longaandoening. Het komt regelmatig voor dat een patiënt/werknemer op verzoek van de curatieve sector onze kliniek consulteert, waarna wij de bedrijfsarts actief willen betrekken bij interventie en monitoring. Echter, daarbij blijkt de toegang tot mijn collega in de praktijk regelmatig bemoeilijkt door tussenkomst van functionarissen met allerlei benamingen, in de regel niet-medici. Deze functionarissen, door werkgevers contractueel niet zelden ingeschakeld met het oog op kostenbesparing, lijken steeds vaker de toegang tot mijn collega te bepalen. Recent stelden wij de diagnose allergische beroepsastma (&#8216;bakkersastma&#8217;) bij een banketbakker. Vanwege de potentieel ernstige sociaal-maatschappelijke consequenties van deze diagnose wilden wij contact opnemen met de betreffende bedrijfsarts. Hierop kwam ik in contact met een &#8216;belastbaarheidsmanager&#8217;. Op mijn vraag om direct toegang te krijgen tot mijn collega kreeg ik de volgende e-mail (ongecorrigeerd): &#8216;Ik ben inderdaad belastbaarheidmanager, maar sta onder supervisie van de bedrijfsarts, zoals is dat ook in onze interne afspraken geregeld en geauditeerd. Ik overleg zeer regelmatig met diverse artsen en heb nog nooit een probleem ondervonden. Onze constructie is echter zo geregeld, dat indien ik de bedrijfsarts inschakel voor een bedrijf, aan de werkgever artsenkosten worden doorberekend. Omdat het in het belang van de cliënt is heb ik net met de bedrijfsarts overlegt en hij akkoord is om even met u in gesprek te gaan om te inventariseren waar het over gaat. Verder lopen alle contacten met de werkgever via mij.&#8217;&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Een nieuwe methode om het welzijn van werknemers te evalueren</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f5d.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f5d</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">A new approach to evaluating the well-being of police.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Een duurzaam en gezond arbeidsleven door een healthy workereffect?</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f5e.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f5e</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Towards a sustainable healthy working life: associations between chronological age, functional age and work outcomes.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Hoe kun je bepalen of verzekeringsartsen het VG-protocol Depressie volgen?</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f5f.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f5f</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Development and reliability of performance indicators for measuring adherence to a guideline for depression by insurance physicians.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Aantal suïcides indicatief voor socio-economische bevolkingsfactoren</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f60.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f60</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Socioeconomic factors and suicide. An analysis of 18 industrialized countries for the years 1983 through 2007.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Preventieve interventie bij werknemers met depressieve klachten</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f61.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f61</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Prevention of long-term sickness absence and major depression in high-risk employees: a randomized controlled trial.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Preventie bij kinderwens en zwangerschap</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f62.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f62</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>Teus Brand</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;Teus Brand&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Een 30-jarige vrouw is werkzaam op een researchlaboratorium van een academisch ziekenhuis. Zij heeft een kinderwens en vraagt zich af of de stoffen waarmee zij in aanraking komt tijdens haar werkzaamheden bij een eventuele zwangerschap schadelijk kunnen zijn voor haar baby. En of zij hier al rekening mee moet houden in de fase waarop ze nog niet zwanger is. Zij besluit een afspraak te maken voor het arbeidsgezondheidskundig spreekuur van de bedrijfsarts bij de interne arbodienst van het ziekenhuis. Op het spreekuur brengt zij haar kinderwens ter sprake en de zorgen die zij zich maakt over de gevolgen van de mogelijke blootstelling aan chemische stoffen. De bedrijfsarts is bekend met de situatie op haar werkplek, maar pakt er voor de zekerheid de onlangs geactualiseerde risico-inventarisatie en -evaluatie bij. In haar situatie gaat het om een aantal organische oplosmiddelen, waarvan er drie als (mogelijk) mutageen zijn geclassificeerd. Uit metingen blijkt overigens dat de afzuiging in de zuurkasten goed werkt, waardoor er nagenoeg geen blootstelling is. De bedrijfsarts probeert haar met deze informatie gerust te stellen, maar adviseert haar bij kinderwens, eventuele zwangerschap en borstvoedingsperiode niet meer met de mutagene stoffen te werken. Hij stelt voor in overleg met het hoofd van het laboratorium tijdelijk werkzaamheden te verrichten waarbij ze niet in aanraking kan komen met deze mutagene stoffen. Na enig overleg krijgt ze ander werk, waarin ze tot haar zwangerschapsverlof heeft doorgewerkt.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Letter from the editor</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f63.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f63</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>André Weel</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;André Weel&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Outside the hospital you will no longer see them: doctors in a white coat. We do not consider these coats to be functional anymore; they raise the blood pressure of our clients. It looks like we are renouncing our clinical roots. Are we ashamed of them? Do we rather wear the grey three-piece suit of a consultant? This TBV November issue gives plenty of reasons to get that white coat out of the wardrobe and wear it with modesty. Because claiming that the occupational physician is a medical specialist, one that knows all there is to know about the health of working people, would be somewhat of an exaggeration. We are nowhere near to living up to everything we say we can or do. Modesty is required.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Editorial</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f64.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f64</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><bsl:author><name>André Weel</name></bsl:author><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;André Weel&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Professions find their rationale in a social need. Important life matters are discussed with persons qualified and competent to serve your interests, and with whom your secrets are safe. It is a matter of trust. Bankers, notaries, advocates and physicians are examples of such professions. Professions are well regulated. They have their own school, stringent admission requirements, their own professional organisation and journal. They have their own system of quality control. And they have their own disciplinary procedures. The members of a profession look after their interests meticulously. Usually these interests coincide with the interests of the society requesting their services.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>NVAB</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f65.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f65</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>NVVG</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www2.bsl.nl/tbv/emailnieuwsbrief.asp?page=0929-600X/09014f3c802d0f66.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802d0f66</id><bsl:issn>0929-600X</bsl:issn><bsl:volume>19</bsl:volume><bsl:issue>9</bsl:issue><bsl:date/><updated>2012-01-17T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">De toenemende discrepantie tussen de vraag naar en het aanbod van sociaal geneeskundigen baart ook het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskunde ernstige zorgen. Op het verzoek van het bestuur heeft collega Henk van Schie een analyse van het probleem gemaakt. Hieronder volgt zijn bijdrage. Reacties zijn welkom!&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry></feed>
