<?xml version="1.0" encoding="iso-8859-1"?>
<feed xmlns:bsl="http://www.bsl.nl" xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom"><logo>http://www.vakbibliotheek.nl/rss/bsl-praktisch-partners.gif</logo><title>Tijdschrift voor Gerontologie en Geriatrie</title><subtitle>Aanvulling 3, 2010</subtitle><id>urn:bsl:0167-9228</id><link rel="self" href="http://vb23.bsl.nl/frontend/xml/0167-9228.xml"/><link href="http://tgg.bsl.nl" rel="alternate"/><rights>Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten</rights><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><author><name>Bohn Stafleu van Loghum</name><uri>http://www.bsl.nl</uri></author><entry><title>Over ouderen en de heilzame werking van poëzie</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a872f.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a872f</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><bsl:author><name>A. Marcoen</name></bsl:author><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;img src="http://vb23.bsl.nl/BSL/content/edition/0167-9228/0167-9228.jpg" align="right" hspace="10"/&gt;&lt;b&gt;A. Marcoen&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Vergeetkist   /   Oud geluk (niet te koop)&#8230; /  Nog levend zijn en oud  /   Veel is het niet   /   De zieke man   / Is het vandaag of gistren, vraagt mijn moeder   /   In memoriam   /   Geef mij uw rust    /   &#8230;&#8230;&#8230;&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Boos, bedreigd of impulsief? Een onderzoek naar premorbide persoonlijkheid en agressie bij psychogeriatrische verpleeghuisbewoners</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8730.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8730</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><bsl:author><name>A.J.C. Thissen</name></bsl:author><bsl:author><name>J.L.P. Ekkerink</name></bsl:author><bsl:author><name>M.M. Mahler</name></bsl:author><bsl:author><name>Y. Kuin</name></bsl:author><bsl:author><name>R.B. Wetzels</name></bsl:author><bsl:author><name>D.L. Gerritsen</name></bsl:author><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;A.J.C. Thissen, J.L.P. Ekkerink, M.M. Mahler, Y. Kuin, R.B. Wetzels, D.L. Gerritsen&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Bij ouderen die lijden aan een vorm van dementie is agressie een probleem. Zuidema vond in een groot representatief onderzoek dat meer dan de helft van de psychogeriatrische verpleeghuisbewoners zich minimaal eenmaal per week agressief gedraagt.1 Agressie hangt samen met de zorglast die verzorgenden ervaren.2 Agressieve bewoners worden vaker gefixeerd3 en behandeld met antipsychotica.3-5 Antipsychotica veroorzaken sufheid, extrapiramidale bijwerkingen en een verhoogde kans op mortaliteit.5-6  Vanwege deze nadelen wordt in toenemende mate gepleit voor het behandelen van gedragsproblemen met psychosociale interventies waarvoor wetenschappelijke ondersteuning is gevonden.5,7&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Alexithymie bij depressieve ouderen: een relevante persoonlijkheidstrek?</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8731.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8731</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><bsl:author><name>B. Mooi</name></bsl:author><bsl:author><name>H.C. Comijs</name></bsl:author><bsl:author><name>M.A. Cladder</name></bsl:author><bsl:author><name>A.T.F. Beekman</name></bsl:author><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;B. Mooi, H.C. Comijs, M.A. Cladder, A.T.F. Beekman&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Alexithymie (vertaald vanuit het Grieks a = beperking; lexis = woord; thymos = emotie) is door Sifneos1 in de jaren 70 geïntroduceerd en verwijst naar een cognitieve-affectieve stoornis in het verwerken en reguleren van emoties. Mensen met alexithymie hebben problemen om emoties onder woorden te brengen, ze te onderscheiden van lichamelijke sensaties, ze te differentiëren, erover te fantaseren of er op te reflecteren.2,3 Ze zijn kwetsbaarder voor psychische stress en hebben vaker depressieve, psychosomatische of angstklachten dan mensen met een goed functionerende emotieregulatie.4 Alexithymiekenmerken als het niet kunnen &#8216;verbaliseren&#8217; en &#8216;differentiëren&#8217; van emoties nemen met de ernst van een depressieve stoornis toe.5-9 De relatieve verschillen in de ernst van alexithymie tussen personen blijven, wanneer er gecontroleerd wordt voor de ernst van de depressieve symptomen, tijdens het beloop van de depressie gelijk. Op basis van deze relatieve stabiliteit concluderen veel onderzoekers dat alexithymie een stabiele persoonlijkheidstrek is,5,10,11 die conceptueel onafhankelijk is van depressie.10,12&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Burnout en pensioenplannen bij oudere werknemers</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8732.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8732</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><bsl:author><name>M.V.E. Leenders</name></bsl:author><bsl:author><name>K. Henkens</name></bsl:author><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;M.V.E. Leenders, K. Henkens&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;Om de kosten van de vergrijzing op te vangen en voldoende arbeidspotentieel te garanderen, is de verhoging van de arbeidsparticipatie van oudere werknemers een speerpunt van het huidige overheidsbeleid.1 Recente cijfers tonen aan dat de belangstelling langer door te werken ook daadwerkelijk toeneemt.2 Er zijn echter signalen dat productiviteitsverlies optreedt voordat werknemers met pensioen gaan en dat dit proces soms al wordt ingezet ruim voordat men de uittredingsleeftijd bereikt heeft. Het moment van stoppen met werken vormt daarbij het sluitstuk van een geleidelijke mentale terugtrekking uit de arbeidsrelatie die zich al jaren voordien heeft ingezet. Leidinggevenden spreken van mensen die voorsorteren op pensioen, mentaal gepensioneerd zijn of zichzelf al hebben afgekoppeld.3 Acht procent van de werknemers blijkt ver voor de pensioengerechtigde leeftijd &#8216;mentaal&#8217; afstand te nemen van het werk. Het zich psychologisch terugtrekken uit de arbeidssituatie wordt sterker naarmate men dichter bij de pensioengerechtigde leeftijd komt.3 Over de determinanten van dit voorsorteer- en terugtrekgedrag en de relatie tussen deze processen en de pensioneringsintenties is nog weinig bekend.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Galantamine of rivastigmine pleister. Een beschrijvend onderzoek op een geheugenpolikliniek in Nederland</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8733.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8733</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><bsl:author><name>C.J. Wouters</name></bsl:author><bsl:author><name>L. Dautzenberg</name></bsl:author><bsl:author><name>A. Thissen</name></bsl:author><bsl:author><name>P.L.J. Dautzenberg</name></bsl:author><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">&lt;b&gt;C.J. Wouters, L. Dautzenberg, A. Thissen, P.L.J. Dautzenberg&lt;/b&gt;&lt;br/&gt;De term &#8216;dementie&#8217; wordt tegenwoordig gebruikt als een generieke term die verwijst naar een spectrum van klinische syndromen, alle gekenmerkt door combinaties van meervoudige stoornissen in cognitie en gedrag, resulterend in een afname van het dagelijks functioneren.1&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Recente onderzoeksliteratuur</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8734.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8734</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Pellfolk, T.J., Gustafson, Y., Bucht, G. &amp; Karlsson, S. (2010). Effects of a restraint minimization program on staff knowledge, attitudes, and practice: a cluster randomized trial. Journal of the American Geriatrics Society, 58, 62-69.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Boekbespreking</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8735.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8735</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Gedurende de laatste twee decennia veranderde de diagnostische en therapeutische aanpak van dementie grondig. In dit nieuwe handboek worden de meest recente inzichten hieromtrent overzichtelijk geschetst, waar onder redactie van de drie bovenvermelde redacteurs verschillende Nederlandse en Vlaamse experts bijdragen tot de brede inhoud.  Elk hoofdstuk wordt hierbij voorafgegaan door een vlotte samenvatting van de belangrijkste kernpunten. Na een eerste inleidend deel waarin algemene beschouwingen over dementie, de evolutie van de kijk op dementie en epidemiologie beschreven worden, wordt in het tweede deel van het boek specifiek ingegaan op de diagnostiek en differentiële diagnostiek van dementie, met meer specifiek de bespreking van onder andere de waarde van beeldvormend onderzoek van de hersenen en neuropsychologische diagnostiek. Op het einde van dit tweede deel worden de meeste gebruikte meetinstrumenten en hun belang kort besproken. Erg handig hierbij is dat vele instrumenten in bijlage ook raadpleegbaar zijn. In het derde deel worden praktische beleidsaspecten zoals zorg(planning), behandeling van dementie in al zijn facetten en de farmacotherapeutische behandeling van gedragsstoornissen toegelicht. Naast theoretische beschouwingen over de evolutie van geheugenpoliklinieken in Nederland, zijn de hoofdstukken over juridische en ethische aspecten belangrijke toevoegingen. Tenslotte wordt in het vierde en laatste deel een handig en bruikbaar overzicht van de diverse nosologische ziekte-entiteiten geschetst. De hoofdstukken in dit laatste deel worden ingeleid aan de hand van casuïstiek en zijn verder overzichtelijk opgebouwd met bespreking van symptomatologie, de courant gebruikte ziektecriteria en aanvullende onderzoeken, naast ook een overzicht over recente inzichten betreffende biomerkers, ziektepathogenese en neuropathologie waar toepasselijk. &lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>Signalementen
</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8736.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8736</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Tot nu toe konden de mate van eiwitstapeling en neurofibrillaire tangles in de hersenen van Alzheimerpatiënten pas na overlijden worden onderzocht. Recent zijn echter radioactieve stoffen ontwikkeld die gevoelig zijn voor deze pathologische eiwitophopingen in de hersenen en kunnen worden gebruikt bij een zogenaamde Positron Emissie Tomografie (PET) scan. Uit het onderzoek van neuroloog in opleiding Nelleke Tolboom, 30 jr, blijkt dat de stof [11C]PIB het meest geschikt is als hulpmiddel bij de diagnostiek van AD en dat [18F]FDDNP] de ernst van de ziekte zou kunnen weerspiegelen. Het al tijdens het leven kwantificeren van de kenmerkende Alzheimerpathologie zou meer inzicht kunnen geven in het ontstaan en verloop van de stapeling. Daarnaast zou het kunnen dienen als hulpmiddel bij het stellen van een vroege diagnose in het stadium dat mensen nog alleen milde geheugenklachten hebben. Het levert ook mogelijkheden om eerder te starten met eventuele medicatie, die waarschijnlijk vooral effectief is wanneer de hersenen nog niet te veel zijn beschadigd. Proefschrift Imaging Alzheimer&#8217;s disease pathology in vivo: towards an early diagnosis, Vrije Universiteit Amsterdam, 12 februari 2010, 186 p, ISBN 978 94 9058 802 1. Promotores waren prof.dr. Ph. Scheltens en prof.dr. A.A. Lammertsma.&lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry><entry><title>In memoriam dr. EHW van Kammen-Wijnmalen, 1921-2010</title><link type="text/html" rel="alternate" href="http://www.vakbibliotheek.nl/updatealert/default.asp?page=0167-9228/09014f3c802a8737.html"/><id>urn:dctm:chron_id:09014f3c802a8737</id><bsl:issn>0167-9228</bsl:issn><bsl:volume>41</bsl:volume><bsl:issue>3</bsl:issue><bsl:date>2010</bsl:date><updated>2010-07-22T01:00:00Z</updated><content type="html" xml:lang="nl">Op 7 maart jl. overleed Lies van Kammen op 88-jarige leeftijd. &lt;p&gt;&lt;br/&gt;&lt;small&gt;&lt;b&gt;Copyright 2009 Bohn Stafleu van Loghum, Houten&lt;/b&gt;&lt;/small&gt;&lt;/p&gt;</content></entry></feed>